Productieproces volgens DIN 8580


Je wilt weten wat de norm DIN 8580 betekent. DIN is een Duitse norm, maar wordt veel in Europa gehanteerd. In dit artikel geven we je meer informatie over het productieproces volgens DIN 8580.

Producttechniek

Productietechniek is een brede term. Het omvat in principe de vervaardiging van producten die volgens bepaalde eigenschappen en middelen gemaakt worden. Dit traject loopt verschillende fases door, die bestaan uit verschillende bewerkingsprocessen. Officieel spreken we daarom van fabricageprocessen. Deze processen kunnen we onderdelen in verschillende bewerkingen die de geometrie van het product veranderen. Het doel daarvan is het wijzigen van de materiaaleigenschappen. Het Deutsche Institut für Normung (DIN) is een commissie die verschillende normen opstelt binnen de techniek. Een van deze normen is DIN 8580. Deze norm verdeelt het proces in zes hoofdgroepen.

Hoofdgroepen DIN 8580

  1. Oervormen
  2. Omvormen
  3. Scheiden en afnemen
  4. Samenvoegen
  5. Coaten
  6. Veranderen van materiaaleigenschappen

1.   Oervormen – samenhang creëren

Bij oervormen wordt een nieuw materiaal gemaakt van vormloos materiaal. Officieel wordt het omschreven als het rechtstreeks transformeren van een materiaal met een niet-gedefinieerde geometrische vorm naar een wel-gedefinieerde geometrische vorm. Denk bijvoorbeeld aan gieten of sinteren als procedure.

Oervormen volgens DIN 8580

Gieten wordt in principe het meest gebruikt en zie je veel terug in de metaalindustrie. Men smelt dan metalen of legeringen tot er een vloeibare aggregatietoestand bereikt wordt. We noemen dit ook wel ‘de smelt’. Daarna wordt het vloeibare materiaal in bijvoorbeeld mallen gegoten om het daar te laten uitharden.

Bij sinteren wordt poedervorming materiaal gebruikt. De fijnkorrelige keramische of metallische poedermaterialen worden door druk en toevoer van warmte in een vorm gedrukt. Sinteren is niet hetzelfde als gieten, want de korrels worden niet vloeibaar. De korrels worden wel verhit tot een temperatuur die net voor het smeltpunt ligt. De contactpunten tussen de korrels nemen dan toe. Wanneer het materiaal afkoelt, wordt het hard.

2.   Omvormen – Behoud van samenhang

Bij omvormen wijzigt men de geometrie van een product, maar wordt de massa, samenhang of volume niet veranderd. Het materiaal waar men mee werkt, wordt vervormd onder invloed van andere krachten. Dit gebeurt vaak door druk-, trek-, buigings- of schuifvorming.

Denk bij omvormen aan bijvoorbeeld drukspanningen waardoor de vermoeiingssterkte toeneemt. Dat is ook de reden dat veel halffabrikaten geproduceerd worden met dit proces. Denk aan verschillende buizen, profielen, platen en bijvoorbeeld stafmateriaal. De initiele kosten om te omvormen zijn relatief hoog. Dat komt omdat je de aanschaf van een bewerkingsmachine en gereedschappen vrij prijzig zijn.

3.   Scheiden en afnemen

Het uitgangsmateriaal heeft een bepaalde samenhang. Bij scheiden wordt deze samenhang verbroken. Dat klinkt nog vrij ingewikkeld, maar dat is het niet. De subgroepen van scheiden zijn namelijk snijden, schuren, demonteren, reinigen en bewerken van geometrische gedefinieerde werkstukken.

Het nieuwe product wordt gemaakt door overtollig materiaal te verwijderen. Dat overtollige materiaal blijft bruikbaar en ook recyclebaar. Denk bijvoorbeeld aan een grote plaat die je moet knippen om een kleinere plaat te krijgen. De reststukken (dus het overtollige materiaal) kan je dus gewoon hergebruiken voor andere doeleinden.

Bij het onderdeel afnemen is het overtollige materiaal niet meer bruikbaar. Het wordt daar namelijk verdeeld, of chemisch gebonden. Verspanende bewerkingen is een goed voorbeeld van afnemen. Denk daarbij aan etsen, frezen, boren, draaien, slijpen, vijlen enz.

4.   Samenvoegen (of verbinden)

Samenvoegen volgens DIN 8580

Bij samenvoegen zorg je voor een permanente verbinding tussen twee of meer vaste delen. Dat doe je met behulp van andere materialen, maar kan ook met een ‘vormloze’ stof. Voorbeelden van samenvoegen volgens DIN 8580 zijn lassen, klinken, lijmen en schroeven. Het assemblageproces (dus het proces waar je producten in elkaar zet) is overigens nauw verwant aan samenvoegen.

Bij lassen worden twee werkstukken op een punt verhit. De materialen smelten vervolgens samen om vervolgens af te koelen tot een vast product.

5.   Coaten – opbrengen van lagen

Officieel wordt met coaten het volgende bedoeld: het aanbrengen van vormloos materiaal op een werkstuk. In principe is het niks anders dan het opbrengen van een laag op het product. De meest voorkomende technieken van coaten zijn schilderen, galvaniseren en opbouwlassen.

Coatingsmethoden kunnen de fysieke, elektrische of chemische eigenschappen van een materiaal aanpassen. Zo kan een extra laag een beschermende werking hebben tegen invloeden van het milieu. Of kan het de producteigenschappen verbeteren of het uiterlijk veranderen (lakken).

6.   Veranderen van materiaaleigenschappen

Bij dit onderdeel van het bewerkingsproces volgens DIN 8580, worden materiaaleigenschappen aangepast door thermische behandelingen. Je ziet het vaak bij metalen dat bijvoorbeeld moet uitharden of gloeien. Het materiaal wordt hier thermisch behandeld en vervolgens geblust (plotselinge koeling). Er zijn verschillende redenen voor het veranderen van materiaaleigenschappen:

  • Slijtagebestendigheid verbeteren
  • Verhogen van hardheid
  • Het tijdelijk vervormen van een onderdeel
  • Het verwijderen van inwendige spanningen

Tijdens het productieproces kunnen er ook veranderingen aan het materiaal plaatsvinden. Vaak is dat een gewenste verandering. Denk hierbij aan de productie van een staalplaat waarbij warmtebehandelingen worden gehanteerd. Door de hitte en walsbewerkingen, krijgt een plaat een bepaalde dikte en mechanische eigenschappen.

Ook zijn er ongewenste veranderingen. Denk bijvoorbeeld aan de omvorming van een halffabrikaat. Soms wordt materiaal door versteviging een stuk harden en is het moeilijker te vervormen.

Conclusie

Om een product te maken, ben je afhankelijk van verschillende materialen en processen. Je hebt dus een goede kennis nodig van techniek.

Met de term productieproces doelen we op de opeenvolgende bewerkingsprocessen tijdens de fabricage van een product. De norm DIN 8580 rangschikt deze bewerkingsprocessen volgens een indeling met zes hoofdgroepen. Deze classificatie bestaat uit oervormen, omvormen, scheiden & afnemen, samenvoegen, coaten en het veranderen van materiaaleigenschappen.

Meer weten over bepaalde normeringen? Bekijk ook ons artikel over de de codering van een kogellager.